Hoofdmenu
Home
Recepten
Zoeken
Contact
Administrator
Login Menu
Syndicate
Familiegeschiedenis PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door David Cohen   
Thursday 16 August 2007

grafabrahammeijer.jpg De familie Cohen heeft generaties lang in Groningen gewoond. De oudste Cohen (Abraham Meijer, verder zijn we nog niet terug gegaan) uit onze familie is in 1751 geboren. Hij overleed in 1831 en is begraven op de joodse begraafplaats in Groningen, aan de Moesstraat. De grafsteen bestaat nog steeds, net als die van zijn vrouw Ida Jettche Salomons (1753-1843). Een van hun zoons, Izak Abraham, werd geboren in Helpman (tegenwoordig een wijk van Groningen) in 1791.

Hij trouwde met Rachel Izaaks Swabe en ze kregen 9 kinderen.

Een van hen was Abraham Izaak Cohen , onze stamvader.

Abraham Cohen Zowel Abraham als zijn broer Salomon waren geen lieverdjes. Op een gegegeven moment hebben ze allebei iets misdaan waarvoor ze moesten boeten. Ze werden naar Indië gestuurd als KNIL-soldaat (Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger). Abraham is daarna nooit meer teruggekomen, in ieder geval niet om weer in Groningen te gaan wonen. Zijn broer Salomon heeft twintig jaar in het KNIL gediend en is daarna teruggekeerd naar Groningen waar hij nog op late leeftijd getrouwd is. 

Uit het stamboek van Abraham valt op te maken dat hij in 1857 ‘vrijwillig geëngageerd’ is als soldaat Infanterie en in 1880 uit dienst is gegaan. Hij werd teruggebracht naar Amsterdam op het schip ‘Celebes’. Voor zover we kunnen nagaan is hij daarna weer teruggegaan naar Indië, want daar is hij ook overleden in 1899.Uit een advertentie in de krant:

“Op den 18den dezer overleed na een langdurig en smartelijk lijden in den ouderdom van 63 jaren mijn innig geliefde echtgenoot, vader, de heer A. Cohen. Kwitang 20 november 1899” 

 

De opleiding begint in Harderwijk waar zich het Koloniaal Werfdepot bevindt. Hier werden de recruten verzameld en getraind. De rest van de opleiding wordt gedaan in Batavia. Na Abrahams opleiding wordt hij als eerste uitgezonden naar Padang aan Sumatra’s westkust.  Ergens in het Padangse heeft Abraham zijn toekomstige vrouw ontmoet. Zij is namelijk geboren in de streek ten noorden van Padang (Pontjan-Tapanoeli). Haar naam is Louisa Carolina Faulhaber (1842-1922). louisa faulhaber

 Haar vader, Johannes Carolus ,  is geboren in Kampen in 1802; hij is als KNILmilitair naar Indië gegaan en heeft tussen 1825 en 1830 gevochten op Java. Kort voor zijn dood in 1843 wordt hij overgeplaatst naar Sumatra als 1ste luitenant. Daar heeft hij bij een ons onbekende vrouw zijn dochter Louisa gekregen.

 

In 1903 vinden we over Louisa het volgende: “Weduwe Gegageerd Adjudant Onderofficier A. Cohen – Kwitang”  Veel meer weten we niet van haar. Wel dat ze waarschijnlijk katholiek was, want vanaf dat moment wordt de familie Cohen katholiek. De eerste synagoge kwam overigens pas in de jaren 30 van de volgende eeuw in Batavia, dus Abraham kon zijn geloof lastig praktiseren in Padang anno 1865. Toch is hierover nog veel onduidelijk. Er wordt namelijk gezegd dat zijn oudste zoon Chack nog een joodse begrafenis gehad heeft in 1941. 

Louisa en Abraham trouwen 27 juni 1867 in Padang en krijgen drie kinderen, twee jongens en een meisje. Iets meer dan een jaar na de trouwerij wordt de eerste geboren: 

Chack Louis August (1868-1941). Twee jaar later volgt nog een zoon, Salomon Carel (1870-1929). Ergens in de periode daarna wordt het gezin overgeplaatst naar Borneo. Daar wordt het derde kind geboren, in Bandjarmassin, Eva Regina Bloemina (1879-1937).

Later wordt in een krantenadvertentie nog melding gemaakt van het zilveren huwelijksjubileum: “vijfentwintigjarige echtvereeniging van A.Cohen en L. C. Faulhaber, Weltevreden (Kwitang) den 27sten juni 1892”

 

Drie takken

 

De familie Cohen wordt vanaf nu opgesplitst in drie takken. Van de twee jongens blijft de achternaam gehandhaafd; Eva trouwt met Henri Teerlink dus hier verdwijnt de naam Cohen.

Abrahams oudste zoon Chack Louis volgt zijn vader in het KNIL. Na verschillende overplaatsingen in Sumatra en West-Java eindigt hij in Kwitang (Batavia), in de Gang Adjudant, als sergeant geweermaker.

De tweede zoon, Salomon Carel,volgt een heel andere weg. Hij wordt eerst burgerschrijver 2e klas en promoveert later tot 1e commies op het departement van onderwijs in Weltevreden (Batavia). Eva trouwt met een stationschef met handelsgeest. Bij de grote uitbreiding van het spoorwegnet ziet hij zijn kans schoon en gaat in de stenenhandel voor de spoordijken.

 

1.Chack Louis August

 

opa louis oma anna Chack Louis gaat in opleiding voor KNIL-soldaat  net als zijn vader Abraham. Waarschijnlijk in eerste instantie in Batavia. Misschien wordt hij in de buurt uitgezonden. Zijn aanstaande ziet hij namelijk in de buurt van Cheribon: een Indonesisch meisje, Djalia, dat katholiek geworden is; daarom heet ze Anna Djalia. De meeste soldaten kregen een huishoudster aangewezen, omdat ze nu eenmaal niet zelf voor hun huishouding konden zorgen. Deze huishoudsters werden vaak ook bedgenoot en worden dan njai genoemd. Het ziet ernaar uit dat  Anna aanvankelijk ook zo’n meisje was. De eerste vier kinderen worden geboren zonder dat het paar getrouwd is. Pas in 1901 trouwen ze en worden de kinderen erkend. Uiteindelijk heeft Anna 18 kinderen ter wereld gebracht, van wie er 12 de volwassen leeftijd hebben bereikt.

 

Het eerste kind wordt geboren in 1895 in Batavia: Carel Abraham . Aan de geboorteplaatsen van de volgende kinderen valt af te lezen waar Chack en Anna gewoond hebben. Ze zijn naar allerlei plaatsen uitgezonden: 

 

 

In Batavia woont het gezin in Kwitang, in de Gang Adjudant nr 18.  Hier overlijdt Chack Louis in 1941. Volgens familieverhalen krijgt hij een joodse begrafenis. Zijn vrouw Anna sterft veel later, op 74-jarige leeftijd in 1953, in Buitenzorg.

 

2.Salomon Carel

 

opa carel oma hofmaier Salomon Carel gaat een heel andere kant op dan zijn broer; hij wordt namelijk bestuursambtenaar en blijft steeds in Kwitang (Batavia) wonen in de buurt van zijn werkplek in Weltevreden. Hoogstwaarschijnlijk heeft hij zijn vrouw ook in Batavia ontmoet. Zij is de dochter van een Zwitserse vader en een Javaanse of Soendanese moeder:

Maria Theresia Hofmaier. Haar moeder is vroeg overleden en daarom is ze door haar oudere zus Bertha opgevoed. Op 19-jarige leeftijd trouwt ze, wat later in een krantenadvertentie vermeld wordt:     “Gehuwd S. C. Cohen en M. Th. Hofmaier, Kwitang 9 september 1897” 

 

Iets meer dan 9 maanden later wordt hun eerste kind geboren: Louise Theresia (Wies), genoemd naar haar moeder en oma. Er volgen nog 6 kinderen:

 

 

Na het 25jarig bruiloftsfeest  verhuizen Salomon Carel en Maria Theresia naar Bandoeng. Daar betrekken ze een huis in het centrum aan de Grote Lengkong 72. Niet veel jaren later overlijdt Salomon, in 1929. Na de dood van haar man trekt ‘oma Cohen’ in bij haar oudste dochter, getrouwd met een architect. Hij heeft speciaal een paviljoen voor haar ontworpen, in de Barendszstraat. In de oorlog woont ze met haar dochters en verschillende kleinkinderen in het Tjibeuningplantsoen. Pas in 1954 reist ze met haar jongste zoon mee naar Nederland. Ze overlijdt uiteindelijk in 1964 op 85jarige leeftijd.

 

Vernoemingen

 

De kinderen van Salomon en Maria zijn duidelijk vernoemd naar hun families:

  • Cohen-Faulhaber: Abraham, Carolina, Louis, Carel, August
  • Hofmaier: Theodoor (?), Bertha, George, Otto, Max, Elsa

Zo ook bij de kinderen van Chack Louis en Anna zijn de namen afkomstig van zijn ouders: Carolina Louisa is duidelijk naar oma Faulhaber vernoemd, voor Louis of Louisa als tweede naam geldt hetzelfde. Carel Abraham is naar zijn opa vernoemd en naar de vader van zijn oma, Carolus Faulhaber. August en Augustine heten naar hun vader. Paul Salomon heeft van Chacks broer Salomon de tweede naam. Paulina Regina en Bloemina zijn vernoemd naar Chacks zus Eva Regina Bloemina.  

 

3.Eva Regina Bloemina  

oma eva

 


opa teerlink Over Eva is het minste bekend. We weten dat ze in 1901 getrouwd is met Henri Teerlink. Hij was toen stationschef en werd later handelaar in stenen voor de spoordijken. Aan de geboorteplaatsen van de acht kinderen is te zien dat ze ook regelmatig overgeplaatst werden vanwege het werk van Henri.

 

 

 

jozefkerk In Batavia woonden Eva en Henri in de Wilhelminalaan 23, in een villawijk bij de Matramanweg en de Jozefkerk. Een buurmeisje herinnert zich nog dat “Eefie Teerlink bij de Post of Telefoon werkte in Weltevreden”. Halverwege de jaren dertig is Henri gescheiden van Eva. Hij is op een landgoed buiten Batavia gaan wonen met zijn Chinese huishoudster. pandoekerkhof Daar is hij in 1944 onverwacht aan zijn einde gekomen. Een man kwam in de oorlog langs zijn huis. Ze praatten wat en toen zei Henri dat hij vermoedde dat de oorlog wel snel voorbij zou zijn als de Amerikanen kwamen. Na die uitspraak werd hij opgepakt, omdat de Japanners dachten dat hij over geheime informatie beschikte. Henri is begraven op het ereveld van het Pandoekerkhof in Bandoeng 

Eva is na de scheiding naar haar dochter in Bandoeng verhuisd en is daar ca. 1937 overleden

Laatst geupdate op ( Wednesday 06 August 2008 )
 
Volgende >